Pronkstukken | Stadspark

Bomen
Windstil in het ondraaglijk
Vermogen om beweeglijk stil 
Te staan van niets te leven dan
Van lucht, van aarde en
Tot humus te vergaan.
(Chris van Geel)

Nicolaas Plomp

In 1830 ontwierp stadsarchitect Nicolaas Plomp een plantsoen, gelegen tussen de Hagenpoort en de Broederpoort. Dit, om te kunnen dienen als onder andere een stadswandeling.
Kampen is immers niet gezegend met een bosrijke omgeving maar er was in die tijd wel een behoefte te kunnen flaneren.

Uitbreidingen en aanpassingen 

In 1839 werd het plantsoen uitgebreid want het stadsbestuur gaf opdracht tot het aanleggen van meer wandelgelegenheden. Ditmaal werd hiervoor J.D. Zocher jr. aangetrokken. Dit gedeelte kwam tussen de Cellebroeders- en de Venepoort en was gereed in 1846.

Tussen 1833 en 1864 werden, als werkverschaffingsprojecten, de bolwerken aan de westkant van de stad afgebroken. De Stadsgracht werd in westwaartse richting verlegd en het grootste deel van de oude stadsmuren werden afgebroken, inclusief de Venepoort. 

Het Plantsoen of Stadspark langs de Eerste en Tweede Ebbingestraat werd aangepast. Waarschijnlijk waren bij deze werkzaamheden veel arbeiders betrokken want de kosten tussen 1863 en 1867 hadden een respectabel bedrag van FL. 32061, 10. 

Welke planten er exact werden gepoot, is niet meer te achterhalen. Enkele bomen zijn echter van ongeveer die datum.  In 1901 werd het Eerste plantsoen aangepast door Leonard A. Springer omdat er een Hogere Burgerschool werd gebouwd. De toenmalige architect A.J. Reijers legde alles vast in kaarten.

In 1913 werd het bovendeel van de singelgracht gedempt in verband met de bouw van het Stadsziekenhuis, wat in 1916 haar deuren opende. De tuinen hierbij werden ook door L.A. Springer ontworpen. 

Door al deze activiteiten ontstond een park van ongeveer 13 hectaren groot. In 1964 kwam de eerste doorkruising door de aanleg van de Kennedylaan.

Een jaar ervoor was er ook al een gedeelte van het park verloren gegaan door de bouw van een zusterhuis bij het Stadsziekenhuis. Verder waren er aanpassingen door diverse panden, die door hun gebruik (zoals zwembad ‘de Steur’) het nieuwe en oude stadsdeel van Kampen met elkaar moesten verbinden. Hierbij wijzigde geregeld de oorspronkelijke beplanting. Dit kon ook natuurlijke oorzaken hebben, zoals een Iepenziekte en een grote storm, beiden in het jaar 1934. 

Engelse Landschapsstijl 

Zowel Zocher als Springer hanteerden de Engelse Landschapsstijl, gekenmerkt door gebogen lijnen, afwisseling in boomgroepen, vlakke gazons en grote waterpartijen. Hierbij werd dan ook gebruik gemaakt van Chinese en Japanse landschapskenmerken. Zo stond er rond 1840 in ‘het plantsoen’ ook een pagode zoals te zien is op de afbeelding bij dit artikel.

Afbeelding: K000173 Tekening van het Nieuwe-Werk aan den Singel te Kampen uit 1835.