Voormalige Joodse Begraafplaats

Voormalige Joodse Begraafplaats 1e Ebbingestraat Kampen

Voormalige Joodse Begraafplaats 1e Ebbingestraat Kampen

Bijgevoegde afbeelding toont ons ditmaal de vroegere Joodse begraafplaats aan de 1e Ebbingestraat te Kampen. Inmiddels is deze locatie compleet veranderd. Juist vanwege dit contrast is gekozen voor deze foto. Het vele natuurlijke groen wordt hier niet alleen geboden door de Joodse begraafplaats maar ook het Plantsoen en de kwekerij van Brinkman.

In 1955 werd op het hier getoonde terrein de school gebouwd van de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt. Ook kwam er een parkeerterrein. De Joodse begraafplaats was al in 1948 verplaatst naar de Rondeweg te IJsselmuiden. Ook daar had de Joodse gemeenschap een dodenakker. Door de Jodenvervolging gedurende de Tweede Wereldoorlog, de Shoah, was de Joodse gemeenschap in aantal zielen fors terug gebracht. Daardoor kon deze gemeenschap de kosten voor een eigen begraafplaats zelf niet meer opbrengen. De gemeente heeft zich rond 1951 moreel verplicht voor een periode van 100 jaar de Joodse begraafplaats in IJsselmuiden te onderhouden. Deze afspraak was schriftelijk vastgelegd maar in vergetelheid geraakt. Onlangs werd dit door diverse personen weer onder de aandacht gebracht omdat alles aan de Rondeweg een verwaarloosde indruk maakte.

Door de inzet en naspeuringen van de heer D. van Dijk, gemeenteambtenaar op het Stadhuis van Kampen, kwam de schriftelijke overeenkomst weer boven water. Hierdoor zag de gemeente kans haar taak weer op te pakken. Een Joodse begraafplaats is een voor Joden heilige plaats. Graven mogen (eigenlijk) niet geruimd worden, tenzij de redenen zeer dringend zijn. Dit mag dan alleen in het bijzijn van een Joodse geestelijke, een rabbijn. Er zijn religieuze regels bij het bezoeken van een Joodse begraafplaats: Mannen moeten hun hoofd bedekken, er wordt geen muziek gespeeld, geen graven bezocht op Sabbat (de zaterdag) en bij thuiskomst dient men de handen te wassen als teken van reinheid. Begraven op sabbat is al geheel uit den boze. Na een lewaja (begrafenis), die zo snel mogelijk moet plaatsvinden na een overlijden, gaat de familie een rouwperiode in van zeven dagen, de sjivve. Daarna mag een nabestaande pas weer langzaam gaan deelnemen aan het dagelijkse leven. Een jaar later wordt een grafsteen, een matseiva, geplaatst. Op een graf worden geen bloemen gelegd maar kleine steentjes, als teken dat men op bezoek is geweest.